Sinds enige tijd zijn we aan het wachten op gezinsuitbreiding. We wachten op een pleegkindje. Om Lars en Niek er zo goed mogelijk op voor te bereiden, praten we regelmatig over het nieuwe kindje. Waar mag het kindje aan tafel gaan zitten, waar mag het kindje slapen en als er kleertjes te klein worden voor Niek, dan zijn ze natuurlijk ook voor het nieuwe kindje. Lars begrijpt het allemaal wel een beetje, maar Niek vindt het nog wat ingewikkeld.
De laarsjes van Niek zijn te klein geworden en ik zet ze bij het bedje voor ons toekomstige pleegkindje neer. Ik vraag aan Niek ‘Voor wie zijn die laarsjes? ‘, ‘Voor kindje!’ zegt Niek. Ah…, eindelijk hij snapt het, denk ik blij. ‘Welk kindje?’, vraag ik aan Niek. ‘Kindje Jezus!’