De dood komt hier op de meest vreemde tijdstippen ter sprake. We zitten met z’n drietjes aan tafel te eten, Ivan is er niet.
‘Papa, ook macaroni eten?’
Ik antwoord: ‘Nee, papa hoeft geen macaroni vandaag.’
‘Is papa dood dan?’
‘Neehee!’ zeg ik snel ‘papa is niet dood’!
‘Ikke hooppe van wel’ zegt Lars daarop.
Ik hoop toch van niet hoor!
Enkele dagen later ga ik naar de tandarts. Ik vertel Lars dat mijn tand pijn had gedaan en dat de tandarts hem weer beter heeft gemaakt. Lars vraagt belangstellend of ik mijn mond open moest doen. Dat beaam ik. ‘Mama een beetje dood dan?’ vraagt hij…